Fight Now, Build Later

Michael E. Brown and Chantal de Jonge Oudraat
NRC Handelsblad, October 8, 2001

Click here for Dutch version


Now that military operations are under way against Osama bin Laden, his al-Qaeda organization, and the Taliban, the United States and its allies must do everything in their power to maximize military success in the short term as well as political stability in Afghanistan in the long term. Fortunately, the two go hand in hand. We should make a firm, public commitment now to work with an international coalition of states to rebuild Afghanistan after bin Laden and the Taliban have been purged from Afghanistan. This will enhance the prospects for both short-term military success and long-term political stability in an important and volatile part of the world.

Unfortunately, the Bush administration has resisted making such a pledge, with the president himself saying, "We are not into nation-building." U.S. non-military efforts in Afghanistan have been limited to providing emergency humanitarian relief for refugees and other innocent victims of the war. This is a necessary first step, but it is not enough.

There are four compelling reasons why the president should reconsider and make an immediate public commitment to rebuilding Afghanistan after the shooting stops.

First, internal support in Afghanistan for bin Laden and the Taliban will erode if it is clear that, in addition to bringing on an American and allied attack, they are standing in the way of efforts to reconstitute a functioning country. Afghan support for bin Laden (who is not Afghan) and the Taliban is far from universal. We should do everything we can to intensify these divisions and undermine our adversaries' political support system.

Second, making a public commitment to the reconstruction of Afghanistan will strengthen support among regional powers for American and allied actions against bin Laden and the Taliban. For over twenty years, Afghanistan has had deadly, destabilizing effects on neighboring states - Iran, Pakistan, Tajikistan, and Uzbekistan, most notably. It continues to pose multiple threats to regional security and prosperity. The prospect of a stable, peaceful Afghanistan will strengthen the resolve of regional actors in the current crisis.

Third, promising to rebuild Afghanistan will demonstrate in a vivid and powerful way that American and allied actions are not directed against Muslims in general or Afghans in particular, but against a fringe group of militants. Like it or not, the United States has a chronic image problem in large parts of the Islamic world, and this image problem has deadly real-world consequences. American military operations in Afghanistan are already triggering a backlash in parts of the Islamic world. Minimizing this backlash - dampening the emergence of future bin Ladens and al-Qaedas - must be a top policy priority. Making an explicit public pledge to help Afghans get their country back on its feet will give this important long-term effort an immense boost.

Fourth and last, promising to rebuild Afghanistan - and then following through on this pledge - will stabilize a part of the world that has produced direct threats to U.S. national security. It is in our enlightened, long-term interest to address the root causes of stability problems in Afghanistan.

Many people are wary of getting into the "nation-building" business because it seems to be an impossible task. It is formidable, but not impossible. The United States rebuilt Western Europe and Japan after World War II without any other outside help. The United States and its allies surely have the capacity to restore stability in Afghanistan now. Three things need to be done.

First, this effort must be carried out under the aegis of an authority that will be seen as legitimate by the majority of the Afghan people, by regional powers, and throughout the Islamic world. Neither the United States nor NATO can provide this framework. The United Nations must be authorized to take the lead.

Second, the member-states of the United Nations must be prepared to deploy peacekeeping forces in Afghanistan once bin Laden and the Taliban have been removed from the picture. Peacekeepers will be needed to stabilize the country and provide security for the extensive relief and reconstruction efforts that will have to follow. This will be a long-term proposition, but it is a burden that the United States need not take on. Other states can and should provide the forces that will be needed to carry out this mission.

Third, the United Nations must be given the resources for a comprehensive economic and political reconstruction effort. This is where comparatively wealthy non-combatants can make their contributions to the common good. Just as they did in the Gulf War, Japan, Germany, and other states can and should carry most of this economic burden.

President Bush should forge an international consensus now to rebuild Afghanistan as soon as the fighting is over. Promising to rebuild Afghanistan is not just the right thing to do - it is the smart thing to do.


Michael Brown is Director of the M.A. in Security Studies and the Center for Peace and Security Studies (CPASS) at the School of Foreign Service, Georgetown University.

Chantal de Jonge Oudraat is an Associate at the Carnegie Endowment for International Peace and Vice-President of Women in International Security (WIIS).

 

 

 

Amerika moet Afghanistan weer willen opbouwen

Michael E. Brown en Chantal de Jonge Oudraat

Nu de militaire acties op doelen van Osama bin Laden en zijn organisatie Al-Qaeda in Afghanistan in volle gang zijn, staan de Verenigde Staten en hun bondgenoten voor twee opgaven. De eerste: het operationele succes maximaliseren. De tweede: politieke stabiliteit in Afghanistan garanderen.

De Verenigde Staten moeten kenbaar maken dat ze samen met een internationale coalitie van staten Afghanistan weer willen opbouwen zodra Osama bin Laden en Al-Qaeda zijn verdreven. Dat zal de kans op politieke stabiliteit in dit belangrijke, maar licht ontvlambare deel van de wereld aanzienlijk verbeteren.

Helaas weigert de regering-Bush tot nog toe zich daarop vast te leggen. ,,Wij houden ons niet bezig met de wederopbouw van landen'', aldus president Bush. Er zijn echter vier redenen waarom de president zich onomwonden moet uitspreken voor steun aan de wederopbouw van Afghanistan.

Ten eerste zal dit de positie binnen Afghanistan van zowel Bin Laden als de Talibaan verzwakken. De aanhang van Bin Laden en de Talibaan zal afnemen zodra duidelijk wordt dat zij niet alleen een aanval van de Verenigde Staten en hun bondgenoten uitlokken, maar ook pogingen om weer een functionerend land op te bouwen in de weg staan. Lang niet alle Afghanen staan achter Bin Laden (die geen Afghaan is) en de Talibaan. De VS moeten de verdeeldheid vergroten en de steun voor hun tegenstanders ondermijnen zodat ze effectiever tegen Bin Laden en de Talibaan kunnen optreden.

Ten tweede zal de publiekelijke toezegging Afghanistan te helpen opbouwen de steun van buurlanden aan acties van Amerika en zijn bondgenoten tegen Bin Laden en de Talibaan vergroten. Al meer dan twintig jaar heeft Afghanistan een fataal, destabiliserend effect op zijn buurlanden, met name Iran, Pakistan, Tadzjikistan en Oezbekistan. Het land vormt een voortdurende bedreiging voor de veiligheid en welvaart in de hele regio. Met een stabiel, vreedzaam Afghanistan in het vooruitzicht zullen de landen in dit deel van de wereld minder snel aan het twijfelen raken gedurende de huidige crisis.

Ten derde zal de belofte om Afghanistan weer op te bouwen voor eens en altijd bewijzen dat de acties van Amerika en zijn bondgenoten niet tegen moslims in het algemeen of Afghanen in het bijzonder zijn gericht, maar tegen een marginale groep extremisten. Hoe vervelend het ook is, de Verenigde Staten moeten inzien dat ze een chronisch imagoprobleem hebben in grote delen van de islamitische wereld, en dat dit imagoprobleem dodelijke gevolgen heeft. De Amerikaanse militaire operatie in Afghanistan zal zonder twijfel in delen van de islamitische wereld een averechts effect hebben. Het is van het grootste belang dat effect te minimaliseren om te voorkomen dat in de toekomst nieuwe Bin Ladens en Al-Qaeda's opstaan.

Tot slot zal de belofte Afghanistan weer op te bouwen - en dat ook werkelijk te doen - een stabiliserende werking hebben op dit deel van de wereld, dat een rechtstreekse bedreiging vormt voor de Amerikaanse nationale veiligheid. Het is in Amerika's eigen belang niet alleen de directe gevaren voor de veiligheid weg te nemen maar ook de oorzaken van de stabiliteitsproblemen in Afghanistan.

Herstel van de stabiliteit moet plaatsvinden onder auspicien van een instelling die door de meerderheid van het Afghaanse volk, door buurlanden en de hele islamitische wereld als legitiem wordt erkend. De Verenigde Staten noch de NAVO komen daarvoor in aanmerking.
De Verenigde Naties moeten opdracht krijgen hierbij de leiding te nemen alsmede de middelen voor een economische en politieke wederopbouw. Ook relatief rijke landen die geen deel uitmaken van `de coalitie' zouden een bijdrage kunnen leveren. De VN-lidstaten zouden voorts bereid moeten zijn een vredesmacht in Afghanistan te stationeren zodra Bin Laden en Al-Qaeda uit beeld zijn verdwenen. Een vredesmacht is nodig om de stabiliteit in het land te garanderen en bescherming te bieden bij de uitgebreide, noodzakelijke hulpacties en wederopbouwwerkzaamheden.

President Bush moet nu internationale overeenstemming zien te bereiken om Afghanistan weer op te bouwen zodra de huidige crisis voorbij is, en hij moet zich daar publiekelijk over uitspreken voordat de militaire acties escaleren. Het is niet alleen terecht om te beloven Afghanistan weer op te bouwen, maar ook verstandig.

Michael Brown is verbonden aan het Centrum voor Vredes- enVeiligheidsvraagstukken aan de Universiteit van Georgetown.
Chantal de Jonge Oudraat is verbonden aan de Carnegie Endowment for International Peace en is vicevoorzitster van Women in International Security.